Paulus op de Areopagus (P. Tillich) in: The Shaking of the Foundations

 

Hoofdstuk 15: De theoloog (deel III)

Handelingen 17: 22-32

 

Toen ik in mijn eerste lezing sprak over ons theoloog-zijn gaf ik aan, dat de basis ervan ligt in de kracht van de Heilige Geest en in de werkelijkheid van de kerk. Ik heb getracht de gelovende theoloog te beschrijven, ondanks al zijn/haar twijfels en wanhoop. In de tweede lezing over ons theoloog-zijn keken we naar de zichzelf gevende theoloog, die door de kracht van de liefde “alles voor iedereen” werd, waardoor hij/zij zichzelf verloor door alles en iedereen te begrijpen. Deze keer willen we nadenken over de antwoordende theoloog, die, ondanks zijn deelname aan de zwakheden en vergissingen van alle menen, in staat is hun vragen te beantwoorden door de kracht van zijn fundament, het Nieuwe Zijn in Christus.

De beroemde scene, waarin Paulus spreekt vanuit de centrale plaats van de Griekse wijsheid, toont ons een man, die het prototype is van de antwoordende theoloog. Men vroeg Paulus naar zijn boodschap, deels omdat de Atheners altijd nieuwsgierig waren naar nieuwtjes, deels omdat zij wisten, dat zij de waarheid niet in pacht hadden, maar er wel naarstig naar op zoek waren. Je kunt drie stadia onderscheiden in het antwoord van Paulus, die ons inzicht geven in de drie taken van de antwoordende theoloog.

De eerste fase van Paulus’ antwoord bestaat in de erkenning, dat zij die hem de ultieme vraag stellen niet geheel onbewust zijn van het antwoord: deze mensen aanbidden een onbekende God en getuigen zo van hun religieuze kennis ondanks hun religieuze niet-weten. Die kennis is niet ‘verwonderlijk’, want God is een ieder van ons nabij: in Hem leven wij en bewegen wij ons en bestaan wij; wij “zijn dus van zijn geslacht”.

Het eerste antwoord, dus, dat wij aan hen moeten geven, die ons zo’n vraag stellen is, dat zijzelf zich al bewust zijn van het antwoord. We moeten hen laten zien, dat zij noch wij buiten God zijn, dat ook de atheïst in God ‘staat’ – namelijk dat hij/zij leeft vanuit die kracht, dat hij de waarheid is, die zij willen grijpen en de ultieme betekenis van het leven, waarin zij geloven. Het is slechte theologie en religieuze hoogmoed zelfs maar te denken, dat er een plaats is waar we naar God kunnen kijken, alsof Hij iets buiten ons was, waar we voor of tegen zouden kunnen argumenteren. Echt atheïsme is een menselijke onmogelijkheid, want God is nader tot de mens dan de mens tot zichzelf. (Een) God kan alleen maar ontkend worden in naam van een andere God. En een God die in een bepaalde vorm verschijnt kan alleen maar ontkend worden door een God die in een andere vorm verschijnt. Dat is het eerste antwoord, dat wij onszelf en degenen die ons bevragen, moeten geven, niet als een abstracte bewering, maar eerder als een voortdurende interpretatie van ons menselijk bestaan, in al zijn verborgen bewegingen, afgronden en (on)zekerheden.

God is ons nader dan wij onszelf zijn. We kunnen geen plaats buiten Hem vinden, maar we proberen dat wel (steeds).

Het tweede deel van Paulus’ antwoord is, dat wij ons bevinden in een toestand van een voortdurende vlucht voor God. We bedenken de ene na de andere uitvlucht voor Hem; we kunnen God ook vervangen door allerlei voortbrengselen van onze eigen inbeelding en dat doen we dan ook. Al is de mensheid nooit zonder God, zij perverteert wel steeds het beeld van God. Al is de mensheid nooit zonder enige kennis van God, toch is zij onwetend van God. De mensheid is afgescheiden van haar oorsprong; zij leeft onder de wet van wrok en frustratie, van tragedie en zelfvernietiging, omdat zij het ene na het andere verwrongen beeld van God produceert en die ‘beelden’ aanbidt. De antwoordende theoloog moet de

valse goden in de individu en in de samenleving op het spoor komen. Hij moet ze vanuit de meest verborgen plaatsen aan het licht brengen, hen uitdagen in de kracht van de goddelijke Logos en dat maakt hem/haar tot een theoloog.

Theologische polemiek is niet zomaar een theoretische discussie, maar eerder een spiritueel oordeel over de goden, die geen God zijn, over deze structuren van het kwaad, deze perverteringen van God in het denken en handelen van mensen. Geen enkel compromis of aanpassing of theologische capitulatie is op dit gebied toegestaan. Want het eerste gebod is de rots waarop de theologie staat. Een synthese tussen God en de afgoden is onmogelijk! Al onderken ik de gevaren, die er kunnen zijn door zo te oordelen, toch moet de theoloog een instrument worden van het goddelijk oordeel over deze ontwrichte wereld.

Voor zover zij het in het licht van hun eigen vragen kunnen ‘bevatten’, zijn Paulus’ luisteraars inderdaad ook bereid om dit tweevoudige antwoord te aanvaarden. Maar Paulus spreekt over nog iets – een derde punt - , maar dat kunnen zij niet verdragen. Zij verwerpen het meteen of zij stellen de beslissing om het te verwerpen of te aanvaarden uit. Paulus gaat spreken over een Mens, die God ertoe bestemd heeft om het Oordeel en het Leven van de wereld te zijn. Dat is het derde en laatste deel van het theologische antwoord. Want we zijn pas echt theoloog, wanneer we bevestigen, dat Jezus de Christus is en dat in Hem de Logos van de theologie manifest is geworden!

Maar we zijn alleen maar theoloog als we deze paradox interpreteren, dit struikelblok voor het idealisme en het realisme, voor de sterke en de zwakke, voor de Jood en de heiden. Als theoloog dienen we deze paradox te interpreteren en dat is iets anders dan allerlei paradoxale zinsneden over de mensen uitstrooien. We moeten geen kunstmatige struikelblokken in stand houden of opwerpen, zoals bijv. wonderverhalen, legenden, mythen en allerlei andere paradoxale kletspraat. Die grote paradox, die de wereld omvat, namelijk dat er een overwinning op de dood is in de wereld van de dood zelf, deze paradox moeten we niet verprutsen door kerkelijke of theologische arrogantie. We moeten niet de zware last van verkeerde struikelblokken neerleggen voor de voeten van hen, die ons vragen stellen. Maar evenmin moeten wij de ware paradox ontdoen van haar kracht, want echt theoloog-zijn betekent getuigenis afleggen van Hem, wiens juk zacht is en wiens last licht is, ja van Hem die de paradox zelve is!

 


Lees meer uit: Als de fundamenten gaan wankelen

Paul Tillich (1886-1965)

Deze website, geïnitieerd en beheerd door Dr. Cees Huisman, heeft als doelstelling om de filosofie en de theologie van Paul Tillich meer bekendheid te geven in Nederland. Zo zullen hier (nieuwe) vertalingen van bekende en minder bekende werken van Paul Tillich in het Nederlands verschijnen, alsook beschouwingen en artikelen over hem.
Het is mijn stellige overtuiging, dat Paul Tillich’s denken nog springlevend is en nog steeds betekenis heeft voor de kerk, de maatschappij en de cultuur in West-Europa -  ook in Nederland, ook al overleed deze bijzondere theoloog ruim 50 jaar geleden.
In de komende maanden en jaren zal de content van deze website in omvang toenemen en alleen daaruit al zal de relevantie van zijn theologie blijken.

E-mail

Wilt u meer weten? Stuur dan een e-mail. This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.