Hoofdstuk 15: De theoloog (II)

 

 

1 Korinthe 9:19-23

 

We hebben gezien in de eerste preek, dat de basis van ons bestaan als theoloog is, dat de Geest van God ons in zijn greep houdt en het ons onmogelijk maakt aan de theologische vraag te ontsnappen, namelijk de vraag naar wat ons ten diepste aangaat (ultimate concern), de vraag naar God. We zagen de theoloog als iemand die gelooft ondanks zijn twijfel en wanhoop, als iemand die lid is van de kerk, in wier kracht alle theologisch werk gedaan wordt, ondanks zijn gebrek aan zekerheid (daarover). Nu zullen enkele woorden van Paulus over zijn dienstwerk ons inzicht geven in een ander aspect van ons bestaan als theoloog. Een apostel is ongetwijfeld meer dan een theoloog en een dominee oefent meer functies uit dan een theoloog als geleerde. Maar een apostel is ook theoloog en een dominee kan niet werken zonder theologie. Daarom zijn de woorden, die Paulus zegt over zijn dienstwerk in zijn geheel evengoed waar voor het theologische deel van zijn dienstwerk: “Voor iedereen ben ik alles geworden”.

Ons bestaan als theoloog vereist eigenlijk diezelfde houding. De theoloog moet in zijn theologie alles worden voor iedereen. We zullen de betekenis van deze woorden eens overwegen: “Voor hen die onder de Wet zijn ben ik als één van hen geworden om hen die onder de Wet zijn te winnen, hoewel ik zelf niet onder de Wet ben”. Laten we het woord “Wet” vervangen door “idealisme”, niet alleen omdat idealisten vaak wettisch zijn, maar ook, omdat idealisme een nobele houding is, die ons verheft boven de lagere lagen van ons bestaan en die geloof en toewijding voortbrengt, precies zoals de Wet doet. “Voor de idealisten ben ik als één van hen geworden om hen, die idealisten zijn te winnen, hoewel ik zelf geen idealist ben”. Hoe kun je dat? Hoe kan een theoloog, die geen idealist is, een idealist worden voor de idealisten? Hij kan een idealist worden op precies dezelfde manier als waarop de apostel van Christus een Jood kan worden voor de Joden. Paulus zegt ergens, dat de Wet goed is en dat die niet is afgeschaft, maar juist vervuld is, in Christus.

Precies zo schakelt de theoloog het idealisme niet uit, hoewel hijzelf geen idealist is (en ook nooit zal worden). De theoloog gebruikt het idealisme en zijn opvattingen en methoden. Hij wordt een Platonist door de Platonisten, een

Stoïcijn voor de Stoïcijnen, een Hegeliaan voor de Hegelianen, progressief voor de progessieven. Maar hij kan geen enkele van deze vormen van idealisme verwarren of op één lijn zetten met het Evangelie. Hij mag nooit en te nimmer zijn voorkeur-vorm aan anderen opleggen in naam van het christendom. Hij is zich bewust van de wanhoop, die het idealisme alsook de Wet, ons kunnen brengen. Maar hij weet, dat in Christus er een Nieuw Zijn is, in Wie alle idealen belichaamd zijn en zichtbaar zijn geworden, niet langer als idealen, maar als realiteit.

“Voor degenen buiten de Wet ben ik als één van hen geworden (hoewel ik onder de Wet van Christus sta en niet buiten Gods Wet) om over hen, die buiten de Wet zijn, te triomferen. Laten we de uitdrukking “buiten de Wet” vervangen door “realisme”, niet omdat realisten geen Wet (er)kennen (want zij noch de heidenen zijn zonder enige Wet), maar omdat zij er geen abstracte principes op na houden om op te leggen aan de werkelijkheid. Het is hun verdienste, dat zij nederig de dingen aanvaarden zoals ze nu eenmaal zijn. “De vroomheid van het realisme is hun nederigheid”. “Voor de realisten ben ik als één van hen geworden om hen te winnen, hoewel ikzelf geen realist ben”. De theoloog, die beslist geen realist is (en het ook nooit zal worden) zal het realisme niet teniet doen. Hij erkent waarheid in het realisme en hij wordt er voortdurend toe verleid om ook zelf realist te worden, waardoor hij het eeuwige leven zou ontkennen, dat het realisme (ver)oordeelt. Nee, de theoloog gebruikt het realisme en wordt zo een positivist voor de positivisten, een pragmaticus voor de pragmatisten en iemand die het leven als tragiek interpreteert voor hen, die het leven ook zo interpreteren. Maar hij zal nooit zeggen, dat realisme en het Evangelie hetzelfde zijn.

Hij zal er niet voor strijden in naam van het christelijk geloof. Hij kent de wanhoop van het zuivere realisme, maar hij weet ook dat er een Nieuw Zijn is, die de zelfvernietiging van de realiteit overwint. “Voor de zwakken ben ik zelf zwak geworden om de zwakken te winnen”. Dit is de meest diepzinnige van de drie uitspraken, die Paulus over zichzelf doet en ook de belangrijkste voor ons, die theoloog willen zijn. Wij moeten zwak worden, hoewel we, gegrepen door de Geest van God – de basis van alle theologie – in wezen niet zwak zijn. Hoe kunnen we zwak worden zonder reeds zwak te zijn? We kunnen zwak worden

door de kracht op te brengen onze zwakheid te erkennen door los te komen van al ons fanatisme en onze theologische zelfverzekerdheid, door deel te nemen – van binnenuit, niet van buitenaf – aan de zwakheid van al die mensen met wie wij als theoloog in gesprek gaan. Onze kracht is onze zwakheid; onze kracht is niet onze kracht. We zijn daarom alleen maar sterk voorzover we verwijzen – niet zozeer terwille van onszelf, maar terwille van anderen – naar de waarheid, die ons bezit, maar die wij niet zelf bezitten. Niets is rampzaliger voor de theoloog zelf en verachtelijker voor hen die hij wil overtuigen dan een zelfverzekerde theologie. De ware theoloog is hij/zij, die de kracht heeft om zijn/haar zwakte onder ogen te zien en te erkennen en die van daaruit ook de kracht heeft om zwak te zijn voor de zwakken. Dat is tegelijkertijd zijn/haar overwinning!

 

Lees meer uit: Als de fundamenten gaan wankelen

Paul Tillich (1886-1965)

Deze website, geïnitieerd en beheerd door Dr. Cees Huisman, heeft als doelstelling om de filosofie en de theologie van Paul Tillich meer bekendheid te geven in Nederland. Zo zullen hier (nieuwe) vertalingen van bekende en minder bekende werken van Paul Tillich in het Nederlands verschijnen, alsook beschouwingen en artikelen over hem.
Het is mijn stellige overtuiging, dat Paul Tillich’s denken nog springlevend is en nog steeds betekenis heeft voor de kerk, de maatschappij en de cultuur in West-Europa -  ook in Nederland, ook al overleed deze bijzondere theoloog ruim 50 jaar geleden.
In de komende maanden en jaren zal de content van deze website in omvang toenemen en alleen daaruit al zal de relevantie van zijn theologie blijken.

E-mail

Wilt u meer weten? Stuur dan een e-mail. This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.